Lesdoelen
Je kunt een omschrijving geven van een aantal afzonderlijke beeldaspecten per categorie
We onderscheiden de volgende categorieën:
Ruimte: ruimtelijkheid van het kunstwerk, is het kunstwerk ruimtelijk (met diepte) of gesloten? Ook ruimtesuggestie valt binnen deze categorie: dit heeft te maken met de opvulling van het vlak
Kleur: de kleuren die in het kunstwerk gebruikt worden. Je kunt gebruik maken van primaire, secundaire en tertiaire kleuren en kijken hoe deze kleuren in relatie staan tot emotie.
Vorm: de vorm waarin het kunstwerk wordt afgebeeld. Er wordt gekeken naar de vorm van het kunstwerk (vierkant, rond etc.) maar ook naar vormkenmerken (klein, groot etc.)
Textuur: materiaalgebruik, hoe voelt het oppervlak? Texturen kunnen ook worden gebruikt als afdruk: stempelen, krassen of drukken
Compositie: worden verschillende aspecten binnen het kunstwerk gegroepeerd op kleur, vorm of textuur? is er sprake van herhaling en ritme?
Je kunt de werking van beeldaspecten in relatie brengen tot de inhoud van een beeld
Bij beeldbeschouwing kun je beelden beoordelen op de verschillende categorieën. Je kunt kunstwerken bijvoorbeeld beoordelen op vorm en kleur. Ook in het verzinnen van je opdracht kun je je richting op een bepaald beeldaspecten. Richt je bijvoorbeeld op textuur als je gaat stempelen of bedenk emoties bij kleurgebruik. Met het verzinnen van je opdrachten voor de leerlingen kun je dus spelen met de verschillende beeldaspecten en hierdoor de opdracht verrijken
Je kunt aangeven op welke manier beeldaspecten lessen BV op de basisschool kunnen verdiepen
Wat hierboven beschreven staat, geldt dus eigenlijk ook voor lessen BV op de basisschool. Het is uitdagend voor de leerlingen om zich te richten op een bepaald beeldaspect. Je kunt hiermee al beginnen bij de kleuters en naarmate de groepen hoger worden, kun je de focus steeds op een ander (misschien uitdagender) beeldaspect leggen. Beeldaspecten zullen er altijd voor zorgen dat een les verrijkt wordt en dat kinderen wordt geleerd met andere ogen naar een kunstwerk te kijken
Deze les kregen we weer de keuze uit twee voorbeeldlessen.
1. Een popje naaien
Benodigdheden
- papier
- schrijfpotlood
- vilt
- naald
- draad
Uitvoering
We gaan een eigen knuffeltje naaien. Eerst teken je de contouren van de knuffel op papier, dit is ongeveer 1/8 van een A4. Daarna knip je deze uit en speld je hem op een kleur vilt naar keuze. Je knipt een dubbele laag vilt uit en dan kun je de twee lagen aan elkaar naaien. Naai het poppetje niet helemaal dicht, want er moet ook nog een gaatje zijn om hem op te vullen.
Beeldaspecten: vorm, textuur, kleur
2. Stof maché
Benodigdheden
- vierkant tablet
- stof
- lijm
Uitvoering
De bedoeling van deze opdracht was het insmeren van stof met lijm en dit in verschillende lagen op een vierkant tablet plakken. Door de verschillende lagen ontstaat er een werkje dat te vergelijken is met papier maché.
Beeldaspecten: compositie, ruimte, textuur, kleur
Geen opmerkingen:
Een reactie posten